Laag BTW tarief stopt echt per 1 juli!



Per 1 juli geldt weer het hoge tarief van 21% voor de arbeidskosten bij verbouwing en renovatie van bestaande woningen. Recent is een motie met het verzoek om het lage tarief te handhaven in de Tweede Kamer verworpen. Na 1 juli blijft het tarief van 6% wel gelden voor het schilderen, stukadoren en isoleren van bestaande woningen.


Op dit moment geldt het BTW-tarief van 6% voor de arbeidskosten bij de renovatie- en herstelwerkzaamheden van een woning. Daarbij moet het gaan om een woning die meer dan twee jaar geleden voor het eerst in gebruik is genomen. Een nieuwe woning komt niet voor deze tijdelijke regeling in aanmerking.

Geen voorstander stoppen lage BTW-tarief

De brancheorganisaties Bouwend Nederland en de Aannemersfederatie Nederland Bouw en Infra hadden al eerder aangegeven geen voorstander te zijn van het stoppen van deze tijdelijke maatregel. Veel bouwbedrijven hebben de crisis namelijk overleefd door deze tijdelijke maatregel. De motie van Tweede Kamerlid Henk Krol hield echter geen stand tijdens de stemming in de Tweede Kamer. Per 1 juli gaat het BTW-tarief voor de arbeidskosten bij verbouwing en renovatie dus definitief omhoog van 6 naar 21%.

Afronden van werkzaamheden is bepalend

Wil je nog gebruikmaken van het lage BTW-tarief, dan is het belangrijk dat de werkzaamheden vóór 1 juli zijn afgerond. Vertraging kan grote gevolgen hebben, omdat de werkzaamheden dan ineens onder het hogere BTW-tarief vallen. Afhankelijk van de afspraken zijn die extra kosten dan voor jou of de ondernemer. Het maakt hierbij niet uit als je de facturen vooruit betaalt. Het moment van het afronden van de werkzaamheden bepaalt de hoogte van het BTW-tarief. 

Grote lijnen belastingherziening bekend


Het kabinet heeft de hoofdlijnen van de voorgenomen belastingherziening bekendgemaakt. Het kabinet wil met de maatregelen een flinke belastingverlichting realiseren voor werkenden. De BTW moet hiervoor wel omhoog.


Het kabinet wil het belastingstelsel herzien door drie pakketten van maatregelen in te zetten. Het eerste pakket behelst een forse lastenverlichting voor werkende middeninkomens. Deze plannen worden bij de komende Prinsjesdag al gepresenteerd. De lastenverlichting moet bekostigd worden met de maatregelen uit de twee andere pakketten. Hierover gaat het kabinet met de oppositie in gesprek.

Pakket 1: voordeel voor werkende gezinnen

Het pakket voor de lastenverlichting ziet er als volgt uit:

- arbeidskorting van circa € 700 per jaar voor middeninkomens;
- het inkomstenbelastingtarief in de derde schijf gaat van 42% naar 40%. De inkomensgrens naar de volgende schijf gaat met € 8.000 omhoog;
- er komt een loonkostensubsidie voor werkgevers die een werknemer op of rond het minimumloon aannemen;
- de kinderopvangtoeslag en de inkomensafhankelijke combinatiekorting gaan elk € 50 per jaar omhoog;
- het berekenen van de vermogensrendementsheffing zal niet meer op basis van het fictief rendement zijn, maar op basis van het werkelijk behaalde rendement;
- autobelastingen worden eenvoudiger en hybride auto’s worden zwaarder belast.

Pakket 2: hogere BTW en vergroening

- verhoging en vereenvoudiging BTW door het schrappen van het lage BTW-tarief voor de meeste producten en diensten;
- vergroening door hogere energiebelasting;
- verlaging en verlenging eerste belastingschijf voor de laagste inkomens;
- de kinderopvangtoeslag en de inkomensafhankelijke combinatiekorting gaan elk met nog eens € 50 per jaar omhoog.

Pakket 3: decentralisering

- Een besparing van € 2 tot € 4 miljard op gemeenten, die wel zelf meer belasting mogen gaan heffen.

Fraudeurs hebben nieuwe manier om je op te lichten

Oplichters gaan steeds geraffineerder te werk. Nu hebben ze een nieuwe manier gevonden om spookfacturen betaald te krijgen. De fraudeurs bellen organisaties zogenaamd uit naam van een klant of leverancier met de mededeling dat de volgende facturen een nieuwe lay-out en een ander rekeningnummer hebben.
Om de pakkans te verkleinen, gebruiken de fraudeurs valse telefoonnummers (spoofing). Ze kunnen er echter ook voor zorgen dat de nummerherkenning het telefoonnummer van de bestaande relatie weergeeft. Omdat ook dit lijkt te bevestigingen dat het daadwerkelijk om de bestaande relatie gaat, betalen veel organisaties de spookfacturen. Vaak komen ze er pas achter dat ze zijn opgelicht als de eigenlijke bestaande klant of relatie aan de bel trekt omdat zijn facturen niet betaald worden. Het factuurbedrag is immers overgemaakt naar het rekeningnummer van de oplichters.


Voorkom dat jij de dupe wordt van fraudeurs

Wees dus niet alleen alert op spookfacturen maar ook op de telefonische benadering van de fraudeurs. Check de opgegeven banknummers extra goed voordat je tot betaling overgaat, om te voorkomen dat ook jouw organisatie de dupe wordt van de fraudeurs. Je kan ook na een telefoontje van een bestaande klant, de klant  terugbellen om te controleren of hij daadwerkelijk gebeld heeft en dat het rekeningnummer inderdaad gewijzigd is. Vertrouw in ieder geval niet langer op de nummerherkenning.

5 TIPS voor je inkomstenbelasting


1.     
Controleer ingevulde gegevens: Tegenwoordig beschikt de Belastingdienst over steeds meer gegevens die je kunt downloaden. Loon, uitkering of pensioen, WOZ-waarde van je huis en de hypotheekgegevens, banksaldi en schulden aan financiële instellingen zijn al ingevuld. Die gegevens zijn vanaf 1 maart beschikbaar. Let op: je bent zelf verantwoordelijk voor fouten. Controleer daarom altijd alle gegevens en realiseer je ook dat de fiscus nog niet alles paraat heeft. Lijfrentepremies bijvoorbeeld worden nog niet van alle verzekeringsmaatschappijen ontvangen. Weet ook dat het aangifteprogramma niet automatisch alle fiscale voordelen toekent waarop je recht hebt. Je moet erom vragen, zoals het fiscaal voordeel voor een werkende ouder (inkomensafhankelijke combinatiekorting) van maximaal 2.133 euro.



2.     Vraag betaalde belasting terug: Honderdduizenden Nederlanders raakten door de crisis hun baan kwijt, of zagen hun inkomsten om een andere reden teruglopen (denk aan een sabbatical) . Bij sterke schommelingen in inkomen kan middeling uitkomst bieden. Daarbij worden de inkomens van drie opeenvolgende jaren bij elkaar opgeteld en door drie gedeeld. Daarna wordt de belasting voor die jaren opnieuw berekend. Het resultaat kan zijn dat er over een jaar met een hoog inkomen met terugwerkende kracht minder belasting hoeft te worden betaald. Let op: de teruggaaf wordt verminderd met een drempel van 545 euro.



3.     Verreken schulden in box 3: In box 3 van het belastingstelsel worden spaargeld, beleggingen, tweede huizen en ander vermogen belast. De fiscus gaat er (nog steeds) van uit dat je 4 procent rendement haalt, waarover u 30 procent belasting moet betalen. De basis voor de heffing over 2014 is het vermogen op 1 januari van dat jaar. Aan de omvang daarvan kun je niets meer veranderen. Er is een heffingsvrij vermogen van 21.139 euro (partners: 42.278). Schulden tellen mee bij het bepalen van de omvang van je vermogen. Schulden die je maakte voor de aanschaf van een auto of tweede huis tellen allemaal mee, net als een negatief banksaldo en schuld bij familie. Voor schulden geldt een drempel van 2.900 euro (partners: 5.800).



4.     Trek ziektekosten af: De overheid heeft flink het mes gezet in aftrekposten bij ziekte of invaliditeit, maar helemaal weg zijn ze niet. Het loont om de voorwaarden goed te bestuderen. Aftrekbaar zijn (onder voorwaarden) kosten van behandelingen, sommige hulpmiddelen, kleding, beddengoed, vervoer, een dieet en extra gezinshulp. Ook kosten die zijn gemaakt voor je partner en kinderen jonger dan 27 jaar en inwonende, hulpbehoevende ouders en ernstig gehandicapten zijn aftrekbaar. Niet aftrekbaar zijn onder meer: begrafeniskosten, kosten van bevalling en adoptie, zorgpremies en het eigen risico. Voor de kosten geldt een drempel, die afhangt van het inkomen.



5.     Voordelen voor AOW'ers: Gepensioneerden profiteren van lagere tarieven. Ook de hoogte van veel voordelen wijkt af voor senioren. Verder zijn er aparte fiscale regelingen voor de groep, zoals de ouderenkorting (voor inkomens tot 35.450 euro: 1.032 euro, daarboven 150 euro) en de alleenstaande ouderenkorting (429 euro). Let op: de AOW ging in 2014 in bij 65 jaar en twee maanden.

Heb jij op 5 mei een vrije dag?



5 mei, bevrijdingsdag, ben ik nu vrij..of toch niet? 5 mei leidt vaak tot de vraag of medewerkers vrij zijn of gewoon moeten werken. Bevrijdingsdag is namelijk wel een nationale feestdag maar niet iedereen is vrij. Of je op 5 mei vrij bent, is afhankelijk van de cao of arbeidsovereenkomst.


Binnenkort is het alweer 5 mei, de dag waarop Nederland haar bevrijding weer gaat vieren. Hoewel vrijheid centraal staat op deze dag en dit ook op vele plaatsen uitbundig wordt gevierd, betekent dit nog niet dat medewerkers vrij zijn. Voor een deel van werkend Nederland is Bevrijdingsdag namelijk geen vrije dag.

Even wat achtergrondinformatie:

Bevrijdingsdag is geen verlofdag volgens de wet

In 1990 voerde de overheid Bevrijdingsdag in als nationale feestdag. De overheid liet echter niet in de wet opnemen dat 5 mei als betaalde verlofdag zou gaan gelden. De overheid vond dat werkgevers en werknemers hierover onderling een regeling moesten treffen in de cao of arbeidsovereenkomst.
Valt jouw organisatie onder een cao, dan doe je er dus goed aan om eerst die erop na te slaan. Zo bepalen sommige cao’s dat de werknemers eens in de vijf jaar vrij zijn op 5 mei. Als je niet onder een cao valt of deze geen aparte bepalingen bevat, kun je zelf beslissen of je medewerkers vrij krijgen.


Bepaalde werknemers zijn wel altijd vrij op 4 en 5 mei

Uiteraard, de ambtenaren ;-) – zoals de ambtenaren van de rijksoverheid – zijn wel altijd vrij op 5 mei. Het Nationaal Comité 4 en 5 mei ziet graag dat dit voor iedereen wordt ingevoerd en heeft dit daarom in een advies kenbaar gemaakt aan staatssecretaris Van Rijn van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Werkgeversorganisaties hebben al aangegeven dat zij tegen dit plan zijn.

Ik hoop dat dit weer wat meer duidelijk maakt en kijk je baas dus even lief aan, misschien krijg jij ook wel een vrije dag!

Fiscus moet tijdige postbezorging bewijzen

Stuurt de Belastingdienst je een naheffingsaanslag, maar gaat er iets mis met de post en kom je hierdoor in de problemen? Dan moet de Belastingdienst kunnen bewijzen dat de naheffingsaanslag tijdig is verstuurd. Kan de fiscus dit niet, dan zal de rechter de naheffingsaanslag en een eventuele boete vernietigen, zo blijkt uit een uitspraak van Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

In die zaak draaide het om een bv die over 2003 en 2004 flinke naheffingsaanslagen BTW opgelegd kreeg, met bijbehorende boetes. De bv stapte hierop naar de rechter. De inspecteur verzond de naheffingsaanslagen namelijk per gewone post. De bv stelde echter dat de naheffingsaanslagen te laat op de mat vielen, respectievelijk twee weken en één week na het einde van de naheffingstermijn. 

Geen hard bewijs voor tijdige verzending



Het was daarom aan de inspecteur om aan te tonen dat de naheffingsaanslagen tijdig waren bezorgd. De inspecteur stelde dat het versturen van aanslagbiljetten een geautomatiseerd proces is, en dat uit de data van de Belastingdienst bleek dat de aanslagbiljetten waren aangeboden aan TNT Post. De rechter vond dit echter niet overtuigend genoeg. Er was namelijk geen verklaring van een ambtenaar om te staven dat de specifieke naheffingsaanslagen aan de bv daadwerkelijk waren verzonden, en dit wordt door de Belastingdienst ook niet bijgehouden. Omdat de inspecteur de tijdige bezorging van de aanslagen dus niet overtuigend kon bewijzen, besloot de rechter de naheffingsaanslagen te vernietigen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 23 december 2014, ECLI (verkort):
10020

Fi-Nance zet zich in voor het goede doel!

Sinds begin 2014 is Fi-Nance Consultancy betrokken bij JCI De Betuwe. Een club van jonge ambiteuze en betrokken mensen die zich onder andere inzetten voor het goede doel.

Op 9 mei 2015 organiseert JCI de Betuwe een landelijk congres waarbij ook weer een goed doel uit de regio ondersteund zal worden.

Pluk de Dag! is de titel van het voorjaarscongres van JCI Nederland waar op 9 mei 2015 naar verwachting ruim 500 bezoekers op afkomen. JCI de Betuwe is de organisator van dit landelijke congres wat binnen JCI “CvA– College van Afgevaardigden” genoemd wordt. Het CvA mei 2015 vindt plaats op verschillende, nader bekend te maken, locaties in Tiel.

Sinds de middeleeuwen, en tot de dag van vandaag, is de Betuwe een voedingsbodem voor internationale handel. Het congres haakt hierop aan met interessante en toonaangevende gastsprekers, workshops, rondleidingen bij regionale bedrijven en maatschappelijke organisaties. Op vruchtvolle wijze zal kruisbestuiving plaatsvinden tussen ondernemende JCI-ers uit heel Nederland en de Betuwse business.

De opbrengst van het community-project word gebruikt om een aantal verbeteringen op zorgboerderij Thedinghsweert te kunnen realiseren.

Cash 4 Mobile. Doneer je oude mobiele telefoon en help mee aan dit Fantastische Community project!

Wil jij meer weten over dit community project of over JCI de Betuwe? Kijk dan op onderstaande website: 

http://www.plukdedag2015.nl/

Wat kost dat nu eigenlijk?

Binnenkort op onze website, een overizcht van de tarieven voor onze administratiepakketten.

Kies uit welk pakket het beste bij u past en start direct!

Wil jij direct op de hoogte zijn van deze update? Schrijf je in voor de nieuwsbrief en blijf up-to-date!

Nog meer wijzigingen voor leaseauto's....


Ja hoor, het kabinet heeft de smaak te pakken...laten we de leaserijders eens flink aanpakken. Na al die voordeeltjes in de afgelopen jaren lijkt het dan echt afgelopen te zijn met lage bijtellingen en kortingen.

In het bericht ‘Nieuwe CO2 grenzen’ heb je al kunnen lezen dat het kabinet bezig is de broekriem strakker aan te trekken voor leaserijders. Ook nu maakt het kabinet weer nieuwe plannen bekend om de CO2-grenzen nog verder aan te scherpen.


Deze nieuwe CO2 grenzen zijn van toepassing als de werknemer in 2016 een nieuwe (lease)auto aanschaft. Het bijtellingspercentage geldt dan gedurende zestig maanden.

  • De 14% bijtelling geldt voor auto’s met een CO2-uitstoot van 1 tot en met 50 gram per kilometer. (in 2014: 51-88 en 2015: 51-82)
  • De 20% bijtelling geldt voor auto’s met een CO2-uitstoot van 51 tot en met 79 gram per kilometer. (in 2014: 89-117 en 2015: 83-110)
  • De 25% bijtelling geldt voor auto’s met een CO2-uitstoot van 80 gram of meer per kilometer. (in 2014:  >117 en in 2015: >110)

Tussenjaar 2016



Per 2016  zou ook de motorrijtuigenbelasting (MRB) voor (semi) elektrische auto’s komen te vervallen. De staatssecretaris heeft echter aangegeven dat er voor het tussenjaar 2016 een halftarief in de MRB gaat gelden. Elektrische auto’s met een CO2-uitstoot van maximaal vijftig gram per kilometer betalen daardoor dus slechts 50% MRB.

Hogere bijtelling voorkomen?


Toch zijn er mogelijkheden om nog een aantal jaren de hoge bijtelling uit te stellen. Om deze hogere bijtelling te voorkomen kan het ook erg interessant zijn een (jong) gebruikte auto aan te schaffen. Het bijtellingspercentage op een auto van de zaak geldt namelijk 60 maanden en is gekoppeld aan de auto. Als een auto voor het eerst te naam wordt gesteld, wordt op dat moment het bijtellingspercentage bepaald op basis van de officiële typegoedkeuring en de daarbij vastgestelde CO2-uitstoot. Dat bijtellingspercentage blijft 5 jaar geldig.


Het verlaagde percentage geldt door deze regeling ook bij de inzet van een gebruikte auto. Ook auto’s die vóór 1 juli 2012 voor het eerst te naam zijn gesteld, hebben na 1 juli 2012 hun eventuele verlaagde bijtellingspercentage behouden. Dat percentage blijft door een overgangsregeling nog van kracht tot 1 juli 2017, óók als de auto van eigenaar of berijder wisselt. Op deze auto’s kan de verlaagde bijtelling zelfs nog langer van kracht blijven als de eigenaar of de berijder dezelfde is als voor 1 juli 2012.

Dus.. wat doe jij? Blijf je nog even met je auto rijden of schaf je nog 'snel' een nieuwe aan?

Straks ook belastingrente bij dividendbelasting

De belastingrente geldt nu nog niet voor de dividendbelasting. In het Belastingplan 2015 is echter voorgesteld om ook de dividendbelasting onder deze regeling te laten vallen. De belastingrente bedraagt dan ten minste 4%.

Op dit moment geldt de belastingrente voor de inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, loonbelasting, BTW, overdrachtsbelasting, erfbelasting en inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet. Het percentage voor de belastingrente bedraagt nu 4%. Voor de vennootschapsbelasting geldt een afwijkend tarief van 8,15%. Het kabinet heeft besloten om per 1 januari 2015 ook de dividendbelasting onder de belastingrenteregeling te laten vallen.

Te laat dividendbelasting betalen



Keert uw bv dividend uit aan een aandeelhouder, dan moet u binnen één maand na de dag waarop het dividend beschikbaar is gesteld een aangifte dividendbelasting indienen. De Belastingdienst berekent de belastingrente over het bedrag van de te laat betaalde belasting. Andersom geldt ook dat u rente kunt ontvangen bij een teruggaaf van dividendbelasting. De regeling geldt per 1 januari 2015, maar geldt ook voor renteperiodes die voor deze datum zijn gelegen.

WKR apparatuur en voorzieningen op de werkplek

Apparatuur moet noodzakelijk zijn



In het Belastingplan 2015 is de definitie van gereedschap aangescherpt in het kader van de Werkkostenregeling. Ook is vastgelegd wat er precies wordt verstaan onder communicatie- en computerapparatuur.

Per 1 januari 2015 krijgt u bij het vergoeden, verstrekken en ter beschikking stellen van gereedschap en apparatuur aan uw medewerkers te maken met het zogenoemde noodzakelijkheidscriterium. De beperkte invoering van het noodzakelijkheidscriterium die staatssecretaris Wiebes van Financiën begin juli aankondigde, bracht nogal wat vragen met zich mee. Het Belastingplan 2015 beantwoordt een aantal van die vragen.

Belastingplan 2015 definieert het begrip gereedschap


Zo is de definitie van ‘gereedschap’ is aangescherpt. Volgens het Belastingplan 2015 zijn gereedschappen ‘gezamenlijke voorwerpen die voor het verrichten van een werkzaamheid nodig zijn’. Ze worden gebruikt om iets te maken, repareren of controleren en kunnen meerdere keren gebruikt worden. Hierbij kunt u denken aan het fototoestel van een fotograaf of de kwast van een schilder. Middelen die geen tweede keer gebruikt kunnen worden, zoals verf of schoonmaakmiddel, vallen niet onder de gereedschappen. Ook werkkleding en kantoormeubilair vallen niet onder de definitie.

ICT-middelen moeten nodig zijn voor het werk



Onder communicatie- en computerapparatuur vallen ICT-middelen zoals desktops, laptops, tablets en mobiele telefoons. Als een printer nodig is voor het uitvoeren van het werk, kan ook die onder het noodzakelijkheidscriterium vallen. Een belangrijke aanvulling is dat niet alleen de apparatuur zelf, maar ook de vergoedingen en verstrekkingen die er direct verband mee houden onder het criterium vallen. Hierbij kunt u denken aan een dongel of 4G-kaartje. Software die niet noodzakelijk is voor het werk valt niet onder het noodzakelijkheidscriterium. Het privévoordeel van het gebruik van de software kunt u onderbrengen in de vrije ruimte. Uit het Belastingplan 2015 blijkt ook dat dit noodzakelijkheidscriterium over drie jaar geëvalueerd zal worden. Tot en met 2018 geldt het dus alleen voor gereedschappen en communicatie- en computerapparatuur

Voorzieningen op de werkplek vrijgesteld



Het onderscheid tussen de vergoeding, verstrekking en terbeschikkingstelling van bepaalde voorzieningen op de werkplek gaat per 1 januari 2015 verdwijnen. In het Belastingplan 2015 is hiervoor een gerichte vrijstelling opgenomen. Dat betekent dat het onder de werkkostenregeling mogelijk is om bepaalde voorzieningen die uw medewerkers op hun werkplek gebruiken te vergoeden of verstrekken zonder dat deze van de vrije ruimte snoepen.

De werkkostenregeling maakt nu onderscheid tussen de vergoeding en verstrekking van voorzieningen die medewerkers (deels) op de werkplek gebruiken en de terbeschikkingstelling van diezelfde voorziening. Voor werkkleding of arbovoorzieningen die u ter beschikking stelt, geldt bijvoorbeeld een nihilwaardering, terwijl de vergoeding of verstrekking ervan belast loon vormt. Dat onderscheid komt per 2015 te vervallen, zo blijkt uit het Belastingplan 2015.

Werkplekvoorzieningen aanmerken als gerichte vrijstelling


Werkplekvoorzieningen kunnen straks bij ministeriële regeling aangemerkt worden als een gerichte vrijstelling. In dat geval tellen ze niet mee voor de vrije ruimte, ongeacht of het een vergoeding, verstrekking of terbeschikkingstelling betreft. Het is nog onduidelijk om welke voorzieningen het precies gaat. Dat wordt later dit jaar duidelijk als bij ministeriële regeling de specifieke voorzieningen aangewezen worden waarvoor een gerichte vrijstelling zal gelden.

De vrije ruimte in de WKR daalt van 1,5% naar 1,2%



Deze maatregel draagt bij aan de vereenvoudiging van de WKR. Om deze vereenvoudigingsmaatregelen te kunnen financieren, daalt de vrije ruimte van de WKR per 2015 van 1,5% naar 1,2% van de fiscale loonsom van uw organisatie.



LinkedIn Fin-Nance Consultancy 
LinkedIn Fin-Nance Consultancy 
Facebook Fin-Nance Consultancy
E-mail Fin-Nance Consultancy